Meeluisteren

Verenigingen


Onze gemeente kent diverse verenigingen en zangkoren. Gods Woord staat hier centraal, daarnaast is er ruimte voor ontspanning en ontmoeting.

Bibliotheek:
Geopend op woensdagavond van 19:00 uur tot 19:30 uur. Als er dan een kerkdienst of gemeenteavond o.i.d. is, verschuift de bibliotheek naar de donderdagavond.

Crèche:
Tijdens de morgendienst is er gelegenheid om uw kind(eren) naar de crèche te brengen. De crèche is voor kinderen tot 5 jaar. Op de crèche lezen we een Bijbelverhaal, zingen we en kan er gekleurd en gespeelt worden.

Voor vragen kunt u contact opnemen met de volgende personen:

Jessica Gunter (aanmelden creche 06-33451056)
Annerie Baan
Gerdien Meijers
Marlies Schroevers

 

Verenigingen:

Koren:

Commissies:

Bijbelstudie
Data voor seizoen 2025-2026: 30-10, 27-11, 11-12, 29-1, 26-2, 2-4, 23-4, 28-5, 25-6

Bijbelstudie Jakobus 1:13-18, hoofdstuk 7 en 8 boekje ds. W.A. Zondag.

Vragen hoofdstuk 7

1. Zowel bij David als bij Petrus zien we hoe zonden zich opstapelen. Wat was de eerste zonde bij David? En wat bij Petrus?

 

2. David bevond zich op een dak terwijl hij bij het leger had moeten zijn. Petrus had moeten waken en bidden. Wij moeten ons afvragen waar wij ons wel/niet kunnen bevinden. Stel dat een jongere gaat ‘stappen’ met een groep niet-christelijke studenten, collega’s of vrienden. Waar moet dan de grens worden gelegd?

 

3. In de zonde van David met Bathseba is een opklimming te zien. In die van Petrus ook. Welke stappen ziet u? Geef nog eens een paar voorbeelden (bijbelse of eigen praktijk) van een opklimming in de zonden.

 

4. Waarom mogen we nooit zeggen: ach, het is niet zo erg als een kind van God in de zonde valt, want de Heere zal hem er toch wel weer uithalen?

 

Vragen hoofdstuk 8

1. Waarom is het zo belangrijk om voor honderd procent te geloven dat het kwaad niet bij God vandaan komt?

 

2. Het was voor Abraham, Izak en Jakob en later voor Mozes zo vertroostend als de Heere Zichzelf bekendmaakte als de onveranderlijke God. Waarom? Hoe verhoudt zich Gods onveranderlijkheid met teksten waarin we lezen dat God ook ‘berouw’ had? (zie Gen. 6:6 en Ex. 32:14).

 

3. Jakobus wijst als tegenhanger van het kwaad op de wedergeboorte door het Woord (Jak. 1:18). Wat is de wedergeboorte? (DL III/IV, art. 10-12).

 

4. Kun je zeggen dat God wil dat alle mensen zalig worden? In 1 Timotheüs 2:4 staat immers: ‘Welke wil dat alle mensen zalig worden en tot kennis der waarheid komen.’ Hoe verhoudt zich dat met het leerstuk van de verkiezing en de verwerping?